Voor de eenzame man leent de jaarwisseling zich bij uitstek om hier en daar een vrouwenkus te stelen. Voor vijf dagen zijn alle vrouwen vogelvrij voor gewassen en ongewassen kerels. En niet één kus, drie zoenen! We doen het op z’n Hollands.
En dan het liefst die hele mooie hautaine vrouw, die schalks wordt beslopen met een zeer welgemeend: ‘Gelukkig Nieuwjaar!’ om dat dan direct te verzilveren met een overrompelende drieklapper. Een vent met een beetje humor laat zijn baard drie dagen staan, zodat ie lekker prikt. Flauw, maar leuk.
Een goede vriendin zoen je gewoon geoorloofd op de mond. Dat doe je het hele jaar niet, alleen beschaaft een kusje op haar wang, maar in dat ene magische minuutje vlak na middernacht is heel even alles intenser. Klein genoegen aan het begin van elk nieuwe jaar.
Maar wie kom je tegen in de korte ‘window of opportunity’ vlak na 1 januari? Na het eetfestijn met de kerstdagen en de oliebollen tijdens de jaarwisseling ligt Nederland dan op de bank uit te buiken.
Ik liep bijvoorbeeld naar de supermarkt om de hoek. Uitgestorven. Ik kon zo doorlopen naar de kassa, met mijn halfvolle mandje. De mooie vrouwen van Utrecht hadden even geen nieuwe kruidenierswaren nodig, of ze hebben geen boodschap aan mijn welgemeende nieuwjaarswensen.
Ik had ook niet veel nodig, maar ik moest wel. De zegelspaaractie eindigde deze week. Ik moest nog drie zegels. Een aantal dat ik never nooit ging halen. Had ik anderhalve maand voor niets zegeltjes gespaard en geplakt. Dus ik moest zinloos bijkopen. Precies de reden waarom de supermarkt een zegelspaaractie organiseert. Ik was er in getuind.
Tijdens deze dagen vol beste wensen ziet een caissière er natuurlijk het liefst uit als een blozende studente, met lang blond haar en grote ogen – die je verlangend om jouw nieuwjaarszoenen toe smachten, terwijl ze sensueel boodschappen laat ‘biepen’. Althans, in die eenzame mannenfantasieën. De droomwereld waarin ook de boodschappenband totaal geen onoverbrugbare hindernis is.
Helaas trof ik de kille werkende deeltijdmoeder die chagrijnig haar uren kassacorvee uitzat. Verbolgen dat haar ambities waren vervlogen zonder dat ze ooit hoger op de ladder van het supermarktwezen was geklommen.
Zwijgend leegde ik mijn mandje op de band. Nurks biepte het ijskonijn mijn boodschappen af.
‘Oja,’ zei ik alsof ik het ter plekke bedacht, ‘nog een heel gelukkig Nieuwjaar!’
De koele caissière ontdooide achter haar kassa: ‘Ja, het is nog net nieuw jaar…’ ontkende ze toch nog bijna de grond onder mijn zeer welgemeende wens. Om daarna licht opgewarmd te vragen: ‘Wilt u de bon?’
‘Ja graag,’ antwoordde ik beleefd, ‘en de zegel graag.’ Ik legde een beetje nadruk op het enkelvoud van het woord ‘zegel’.
De nu gesmolten caissière reageerde perfect: ‘Hoeveel zegels moet je nog?’
‘Drie,’ zei ik direct en naar waarheid, me terdege bewust dat ik met mijn aankoopbedrag net aan recht had op slechts één…
‘Een, twee, drie!’ pelde de caissière af van haar dikke rol zegels: ‘Alsjeblieft.’
‘Dank je wel!’, bedankte ik beleefd.
Geen kus, wel zegels. Spaarkaart vol. Bonus!