Het blote lijf voor me probeer ik uit alle macht buiten te sluiten. Met mijn ogen dicht vergeet ik bijna dat ik niet thuis onder de douche sta. Het warme water klettert op mijn hoofd, op mijn schouders en stroomt behaaglijk langs mijn rug. Het is net voor 8uur ’s ochtends, de slaap heeft mijn lichaam nog niet verlaten.
Abrupt houdt de warme straal boven mijn hoofd op. Ik open mijn ogen en kijk recht tegen de blote hangbuik van de oudere man tegenover me. Snel druk ik achter me op het knopje, de warme straal begint weer te kletteren. Mijn blik zakt naar mijn tenen en ik zie hoe mijn voeten in badslippers steken, sleutelbandje om mijn pols, ik voel de zwembril om mijn hals.
‘Vandaag vier keer vijftig onder de vijfenvijftig,’ zegt Rutger. Hij staat naast me onder de douche wakker te worden. ‘Vier keer vijftig onder de vijfenvijftig’ is code voor het zwemschema dat we zwemmen: Het bad is vijftig meter lang, vier keer een baan van vijftig meter borstcrawl onder de vijfenvijftig seconden.
Ik knik.
‘En dat dan vier keer.’
‘Eén keer meer dan vorige week dus,’ begrijp ik. We zijn in training voor tien kilometer.
Rutger knikt en gaat onder een andere douchekop staan.
Mijn water is weer op.
Ik druk op de knop achter mijn rug.
Er komt geen water.
Duurzaamheidsprotocol van het zwembad.
Ik wissel van douche en kan weer vier keer drukken vooruit.
Tegenover me is de hangbuik ook een douche opgeschoven. Schuim spoelt van zijn hoofd langs zijn lichaam richting het doucheputje. Zijn hand graait in zijn krappe Speedo; om ook zijn ballen even te wassen. Moet kunnen. Vervolgens gaat die hand aan de achterkant ook even door zijn bilspleet. Moet ook kunnen, al ben ik zelf geneigd om dat soort grondige schoonmaak vooral onder mijn eigen douche te doen, in alle privacy.
Nogal preuts misschien en erg ouderwets in deze tijden van verdwenen privacy. We zijn per slot allen mensen, die allemaal plassen en poepen en dus ook allemaal de bilspleet regelmatig even moeten schoonmaken… Het zijn echter wel altijd de oudere mannen met hangbuiken die ook onder deze zwembaddouche even in hun Speedo grabbelen. Nooit een jonge gozer met afgetraind lichaam, zwembril en badmuts op gezien die de noodzaak voelde om openbaar te graaien.
Iets voor acht in de morgen staan er sowieso meestal heren met hangbuiken en dames met drilbillen onder de zwembaddouche te soppen en te schrobben. Natuurlijk zie ik liever de in badpakken verpakte strakke lijven van studentes tegenover me, maar vaak zijn het bejaarden die op deze vroege uren het zwemwater alweer verlaten. Ik hoop altijd maar dat er niemand incontinent in het bad heeft liggen spartelen. Ik zwem zelf wel in de meest rechtse baan – baan 1, voor de snelle jongens en meisjes – maar het water klotst natuurlijk gewoon onder de lijnen door… Een klein scheetje in het water vind ik niet zo erg, maar…
‘Zullen we?’ vraagt Rutger. Hij wacht mijn antwoord niet af en loopt naar baan 1, schopt zijn slippers uit en valt pardoes in het zwembadwater. Er ligt één traag op de rug zwemmende zeventigplusser in ‘onze’ strook, maar die zwemmen we er wel uit…
De plons.
Het koude water.
Ik ben wakker.
Vier keer, vier keer vijftig meter, onder de vijfenvijftig seconden: Makkie!
Sorry, het reactieformulier is gesloten op dit moment.