Het gejoel zwelt aan langs het Merwedekanaal. Ik zie ze nog niet, maar ze zijn in aantocht. Voor iemand zonder kinderen in de basisschoolleeftijd is het spektakel een natuurverschijnsel dat je overvalt; je realiseert je pas dat het nog bestaat als je er al middenin zit.
Ik zit op een bankje bij de Munt. Het is windstil, de zon zakt langzaam tussen de in onbruik geraakte sluisdeuren verderop. Het water van het kanaal kabbelt en klotst wat onbestemd, de woonboten dobberen loom met het water mee. Op het gras voor me knuffelen drie stelletjes op deze vroege junidag de dalende avondtemperatuur omhoog. De eerste zwermen met minimuggen dansen boven het riet.
Gekrijs, geschreeuw en af en toe de inzet van een oud Hollands wandelliedje klinkt van de overkant van het kanaal. Het water draagt de schelle kinderstemmen veel verder dan wenselijk is. Bij de brug over het kanaal verschijnt een jonge vrouw. Een klaar-over, zonder spiegelei, fluitje en kekke retro jas met zwart-wit gestreepte mouwomslagen. Ze heeft in plaats daarvan een fluorescerend geel oranje hesje aan. Links en rechts verschijnen steeds meer fluorescerende hesjes op strategische plaatsen.
Als een colonne mieren kruipt de stoet kinderen met hun ouders langs het kanaal aan de brug voorbij. De ouders, klittend in groepjes en verspreid over de lange stoet, hobbelen voort. De kinderen lopen de dubbele afstand; een stuk heen, even een stukje terug en dan weer vooruit. Bij elk groepje ouders klampen ze even aan, ontvangen een zoethoudertje en lopen dan snel door naar een ander groepje volwassenen.
De klaar-over in haar fluorescerend hesje heeft met slechts haar zelfbewust natuurlijk overwicht effectief het verkeer over de brug stilgelegd. Braaf wachten drie fietsers, met één been aan de grond en het andere op de trapper, zodra het kan zullen zij direct hun weg vervolgen.
De stoet trekt in vijf minuten voorbij. De kinderstemmen sterven langzaam weg, tot er een nieuwe stilte achterblijft. Stiller is het dan ervoor.
Eén van de drie fietsers roept een harde waarschuwing naar een tegenligger die over zijn schouder naar het staartje van de avondpolonaise kijkt. Geen klaar-over in de buurt om het op gang komende fietsverkeer in goede banen te leiden. Het loopt net goed af. Voor me zoenen de drie stelletjes op de goede afloop, of alsof er niets gebeurd is. Op mijn arm sla ik sla mijn eerste mug van het seizoen dood.
Sorry, het reactieformulier is gesloten op dit moment.